★ Een onafhankelijke openbare EU-gids · De Beckham-wet Bijgewerkt mei 2026Begrijpelijke taalGeen juridisch advies
DGT · CONSULTATIE 7 min leestijd

DGT V0442-26: echtgenoot wordt bestuurder van een nieuwe Spaanse vennootschap, beide echtgenoten behouden het Beckham-regime

Een bindende uitspraak uit februari 2026 bevestigt dat het opzeggen van de baan die de verhuizing naar Spanje veroorzaakte om bestuurder te worden van een net opgerichte vennootschap, op zichzelf geen van beide echtgenoten uitsluit van het Bijzondere Regime voor Expats.

D Door DPLL Tax & Legal · Redactionele partner · Barcelona

Het leven gaat verder nadat u in Spanje bent aangekomen. De baan die u hierheen bracht eindigt, en een nieuw project begint. Voor stellen die samen onder de Beckham-wet naar Spanje kwamen, roept die overgang een verontrustende vraag op: als de hoofdkostwinner het oorspronkelijke arbeidscontract opzegt en een nieuwe Spaanse vennootschap gaat leiden, verliest het hele huishouden dan het regime? Een bindende consultatie die in februari 2026 werd gepubliceerd, geeft een geruststellend antwoord, mits aan de voorwaarden van artikel 93 LIRPF blijft worden voldaan.

De Dirección General de Tributos (DGT) bracht op 27 februari 2026 consulta vinculante V0442-26 uit. Het betreft een echtpaar waarvan de ene echtgenoot in september 2023 naar Spanje verhuisde om een arbeidscontract aan te gaan en koos voor het Bijzondere Regime voor Expats (de Beckham-wet, artikel 93 LIRPF), terwijl de andere echtgenoot zich bij het regime voegde als geassocieerd belastingplichtige op grond van artikel 93.3. De uitspraak bevestigt dat wanneer de hoofdbelastingplichtige dat oorspronkelijke dienstverband vrijwillig beëindigt om enig bestuurder te worden van een net opgerichte Spaanse vennootschap, geen van beide echtgenoten automatisch wordt uitgesloten, zolang aan de voorwaarden van het regime blijft worden voldaan.

Belangrijkste punten

De feiten van de consultatie

De belastingplichtige die de vraag indiende, is een Brits onderdaan, gehuwd met een Duits onderdaan. De echtgenoot verhuisde in september 2023 naar Spaans grondgebied om een arbeidsrelatie aan te gaan en koos voor het Bijzondere Regime voor Expats op grond van artikel 93 LIRPF, en werd zo de hoofdbelastingplichtige (contribuyente principal). De Britse echtgenoot voegde zich vervolgens bij het regime op grond van artikel 93.3, in de hoedanigheid van belastingplichtige die geassocieerd is met de hoofdbelastingplichtige.

De AEAT verstrekte aan beide echtgenoten certificaten waarin werd bevestigd dat de keuze was uitgeoefend. In beide gevallen dekt de keuze de belastingjaren 2024 tot en met 2029, tenzij er in de tussentijd afstand of uitsluiting plaatsvindt.

Op 31 juli 2025 beëindigde de hoofdbelastingplichtige de arbeidsrelatie vrijwillig om een nieuw project te starten. Het echtpaar richtte vervolgens een Spaanse vennootschap op, waarbij elk 50% van de aandelen houdt. De hoofdbelastingplichtige werd enig bestuurder van de vennootschap (administrador único), een functie waarvoor hij of zij een vergoeding ontvangt. Het doel van de vennootschap is in brede zin vastgoed: verwerving, verkoop, ontwikkeling, bouw, renovatie, beheer, verhuur, bemiddeling en administratie van onroerend goed van allerlei aard.

De aan de DGT voorgelegde vraag

Het echtpaar vroeg of, gegeven dat de hoofdbelastingplichtige nu bestuurder was geworden van de net opgerichte Spaanse vennootschap, zij beiden het Bijzondere Regime voor Expats konden blijven toepassen tot en met 2029, waarbij de Britse echtgenoot belastingplichtige zou blijven die met de hoofdbelastingplichtige is geassocieerd.

De zorg is begrijpelijk. Het regime bestaat om mensen naar Spanje te halen, en de oorspronkelijke aanleiding was hier een arbeidscontract. De hoofdbelastingplichtige koos ervoor dat contract te beëindigen. Bij strikte lezing zou het beëindigen van de activiteit die de verhuizing motiveerde, eruit kunnen zien als het niet langer voldoen aan een van de voorwaarden, en artikel 118 RIRPF bepaalt dat een belastingplichtige die, na voor het regime te hebben gekozen, een van de voorwaarden voor toepassing daarvan schendt, ervan wordt uitgesloten.

De redenering van de DGT

De DGT gaat uit van artikel 118 RIRPF inzake uitsluiting. Lid 4 is de kernbepaling voor geassocieerde belastingplichtigen: degenen die zich op grond van artikel 93.3 voegden worden gezamenlijk uitgesloten als zij de voorwaarde in letter d) van artikel 93.3 schenden, of als de hoofdbelastingplichtige afstand doet of wordt uitgesloten van het regime. Daarentegen, als een van de geassocieerde belastingplichtigen een van de andere voorwaarden van artikel 93.3 schendt of de vereisten inzake familieband, leeftijd of handicap, dan wordt die persoon individueel uitgesloten, en kunnen de overigen doorgaan.

Over de centrale kwestie steunt de DGT op zijn gevestigde leer, met verwijzing naar consulta V0432-17 (over het neerleggen van een bestuursfunctie) en consulta V1739-17 (over het einde van een arbeidsrelatie). Het Centro directivo heeft geoordeeld dat, hoewel een strikte lezing van de regels belastingplichtigen zou uitsluiten die zelfs maar kort stoppen met werken, het doel van het regime is om kwalificerende mensen naar Spanje te halen. Dat doel is geenszins onverenigbaar met een belastingplichtige die, zodra het dienstverband of de bestuursfunctie die de verhuizing daadwerkelijk en effectief motiveerde ten einde komt, een korte, onbeduidende periode zonder activiteit doorbrengt en vervolgens een nieuw dienstverband of een nieuwe bestuursfunctie aanvangt waarin eveneens aan de voorwaarden van artikel 93 LIRPF wordt voldaan.

Voor zover het bijzondere regime van toepassing blijft op de hoofdbelastingplichtige, zou ook de raadpleger het blijven toepassen, mits hij of zij voldoet aan de voorwaarden van artikel 93.3 LIRPF. , DGT, consulta vinculante V0442-26, 27 februari 2026

De conclusie

Met toepassing van die leer concludeert de DGT dat het vrijwillige einde van de eerdere arbeidsrelatie (degene die de verhuizing van de echtgenoot naar Spanje en de toetreding tot het regime motiveerde) om een nieuwe relatie aan te gaan als bestuurder van de vennootschap die het echtpaar in Spanje oprichtte, geen uitsluiting van de hoofdbelastingplichtige uit het regime impliceert, mits in de nieuwe functie eveneens aan de voorwaarden van artikel 93 LIRPF wordt voldaan.

En omdat de positie van de geassocieerde belastingplichtige verbonden is met die van de hoofdbelastingplichtige, volgt het antwoord voor de Britse echtgenoot rechtstreeks: zolang het regime van toepassing blijft op de hoofdbelastingplichtige, blijft ook de raadpleger het toepassen, mits hij of zij aan de voorwaarden van artikel 93.3 LIRPF blijft voldoen.

De voorwaarde die het zwaarst weegt: geen vaste inrichting

Eén voorwaarde verdient bijzondere aandacht voor iedereen die van loondienst overstapt naar het runnen van een eigen Spaanse vennootschap. De Beckham-wet is opgebouwd rond het idee dat de belastingplichtige geen activiteit verricht via een vaste inrichting in Spanje op een manier die hem of haar diskwalificeert. Letter c) van artikel 93.1 LIRPF vereist dat de activiteit waaruit het inkomen voortvloeit geen inkomen genereert dat zou worden behandeld als verkregen via een vaste inrichting gelegen op Spaans grondgebied, behoudens de beperkte uitzonderingen die de wet toestaat (zoals de ondernemersactiviteit en de kwalificerende hooggekwalificeerde beroepsactiviteit die door de hervorming van 2022 zijn ingevoerd).

In V0442-26 is de nieuwe functie die van bestuurder van de vennootschap, als zodanig bezoldigd. De DGT formuleert zijn antwoord rond de voortzetting van het voldoen aan de voorwaarden van artikel 93, waaronder deze voorwaarde inzake de vaste inrichting. De structuur van de activiteit, hoe de vennootschap opereert en hoe het inkomen wordt gekwalificeerd, doen er allemaal toe. Een bestuursfunctie die binnen het regime past is één ding; het verrichten van een persoonlijke economische activiteit via een Spaanse vaste inrichting buiten de toegestane uitzonderingen is iets anders, en zou het regime in gevaar kunnen brengen.

Wat dit betekent voor stellen onder het regime

De praktische lezing van V0442-26 is positief maar voorwaardelijk. Van baan veranderen, of van loondienst overstappen naar een bestuursfunctie, is verenigbaar met de Beckham-wet. Wat de DGT beschermt is een echte, daadwerkelijke overgang van de ene kwalificerende activiteit naar de andere, eventueel met een korte tussenperiode. Het is geen vrijbrief om inkomen te herstructureren op manieren die de onderliggende voorwaarden van artikel 93 doorbreken.

Als u of uw echtgenoot onder de Beckham-wet valt en een van u van baan verandert, een Spaanse vennootschap opricht of een bestuursfunctie aanneemt, is het samenspel tussen de activiteitsvoorwaarde, de voorwaarde inzake de vaste inrichting en de regels voor geassocieerde belastingplichtigen de plaats waar fouten ontstaan. Zodra u binnen het regime valt, wordt uw jaarlijkse aangifte ingediend via de jaaraangifte Modelo 151, en worden de keuze en eventuele wijzigingen meegedeeld via Modelo 149. Voor een gepersonaliseerde analyse van uw situatie, met inbegrip van hoe een nieuwe vennootschap of bestuursfunctie uw regime en dat van uw echtgenoot beïnvloedt, raden wij aan gespecialiseerd advies in te winnen bij een gekwalificeerde Spaanse fiscalist.

Referenties & bronnen DGT, consulta vinculante V0442-26, de 27 de febrero de 2026 · Artículo 93 LIRPF (Ley 35/2006) · Artículos 113 a 120 RIRPF (RD 439/2007), en particular el artículo 118 · DGT, consultas V0432-17 y V1739-17 · Doe de geschiktheidstest
§ Hulp nodig bij het indienen?

Twee gratis tools, of een gratis gesprek van 10 minuten.

Controleer uw geschiktheid, gebruik de besparingscalculator, of praat met de redactionele partner vóór de deadline van 30 juni.